Hand op een raam

Een warme hand tegen koud raam. Jouw warme hand tegen mijn koude rug. Twee blikken die naar buiten zijn gericht. Traag slik ik eens.

Stilte weergalmt in de kamer, luid als water dat eindelijk de bodem van de waterval raakt.

De druk van je hand verdwijnt. Traag. Voorzichtig. Servies in een kast zetten, goed kijken zodat het toch niet breekt.

Ik breek wel.

Snel, een hand. De druk. Je probeert het servies terug in de kast te duwen. Je maakt het erger. Links en rechts vallen nu dingen van je hand.

Domino. Er worden dingen meegesleurd de afgrond in. Mijn hoofd valt tegen het koude raam, onder mijn neus verschijnt een dampcirkel.

Druk op mijn rug verdwijnt weer. Opgegeven. Hopeloos.

 

 

Advertisements